Begrippenlijst · L

Lava

Lava is magma dat bij een vulkaanuitbarsting aan het aardoppervlak is uitgestroomd, en ook het gesteente dat ontstaat wanneer het stolt.

Het verschil met magma zit vooral in de plaats en het gasgehalte: zodra magma het oppervlak bereikt, ontsnapt het grootste deel van de opgeloste gassen (waterdamp, CO2, zwaveldioxide). Lava van basalt heeft bij uitstroming een temperatuur van ongeveer 1100–1200 °C en gloeit dan geeloranje; lava met meer silica is koeler (700–900 °C) en veel stroperiger.

Dun vloeibare basaltlava kan in lavakanalen en -tunnels kilometers ver stromen, soms met tientallen kilometers per uur, maar meestal gaat het met wandeltempo of langzamer. Op Hawaï onderscheidt men pahoehoe (touwlava, met een glad, gerimpeld oppervlak) en aa-lava (brokkelig en scherp). Stroomt lava onder water uit, dan ontstaat kussenlava: ronde kussens met een snel afgekoelde glasachtige korst.

Omdat lava snel afkoelt, hebben de mineraalkristallen weinig tijd om te groeien: uitvloeiingsgesteente zoals basalt is fijnkorrelig, en bij heel snelle afkoeling ontstaat vulkanisch glas (obsidiaan). Bij het krimpen tijdens afkoelen kunnen zeshoekige basaltzuilen ontstaan, zoals bij de Giant's Causeway in Noord-Ierland. De uitbarsting op La Palma in 2021 duurde 85 dagen; de lavastromen verwoestten er ruim duizend woningen.

In welke discipline?

Aardwetenschappen: plaattektoniek (vulkanologie) en geologie.

Verwante termen

Lees meer