Begrippenlijst · E

Erosie

Erosie is het afbreken en wegvoeren van gesteente en bodemmateriaal door stromend water, wind, ijs of de zwaartekracht.

Erosie wordt vaak verward met verwering. Bij verwering valt gesteente ter plekke uiteen, bijvoorbeeld doordat water in spleten bevriest en uitzet of doordat regenwater kalksteen oplost. Bij erosie wordt het losgemaakte materiaal ook verplaatst. Rivieren, gletsjers, wind en golven werken daarbij als transportband: ze nemen deeltjes mee, schuren daarmee verder over de bodem en zetten het materiaal elders weer af als sediment.

De snelheid verschilt enorm. De Colorado heeft de Grand Canyon, tot ongeveer 1,8 km diep, in enkele miljoenen jaren uitgesleten. Gletsjers schuren U-vormige dalen uit, en in de ijstijden schoof landijs tot in het midden van Nederland, waarbij stuwwallen zoals de Utrechtse Heuvelrug werden opgedrukt. Door wind ontstaan zandverstuivingen zoals de Loonse en Drunense Duinen.

Langs de Nederlandse en Vlaamse kust knabbelen golven en stroming voortdurend aan stranden en duinen. Om de kustlijn op zijn plek te houden brengt Rijkswaterstaat jaarlijks gemiddeld zo'n 12 miljoen m³ zand aan (zandsuppletie). Op akkers in Zuid-Limburg en de Vlaamse Ardennen spoelt bij hevige regen vruchtbare löss weg: bodemerosie. Het afgezette materiaal kan na miljoenen jaren een sedimentgesteente vormen.

In welke discipline?

Geologie en fysische geografie (aardwetenschappen); ook van belang voor landbouw en kustbeheer.

Verwante termen

Lees meer