Pijlerartikel · Periodiek systeem

Elementen en groepen

In het periodiek systeem staan alle bekende chemische elementen geordend op atoomnummer, in rijen (perioden) en kolommen (groepen). Elementen in dezelfde groep hebben hetzelfde aantal valentie-elektronen en daarmee vergelijkbaar chemisch gedrag. Het systeem heeft 18 hoofdgroepen en 7 perioden, plus twee aparte rijen voor lanthaniden en actiniden.

De belangrijkste groepen

Hoofdgroepen
GroepNaamVoorbeelden
1alkalimetalenLi, Na, K
2aardalkalimetalenMg, Ca
3–12overgangsmetalenFe, Cu, Ag, Au
13booriumgroepB, Al
14koolstofgroepC, Si, Ge
15stikstofgroepN, P
16zuurstofgroepO, S
17halogenenF, Cl, Br, I
18edelgassenHe, Ne, Ar

Wat zegt de periode?

Het rijgetal (1 tot 7) zegt iets over hoeveel elektronenschillen een atoom heeft. Period 1 telt maar 2 elementen (waterstof, helium); de volgende perioden steeds meer omdat er ook subschillen vol moeten. In de 6e en 7e periode passen de lanthaniden en actiniden niet meer in de hoofdtabel — die staan apart onderaan.

Trends in het periodiek systeem

  • Atoomstraal daalt van links naar rechts, stijgt van boven naar beneden.
  • Ionisatie-energie stijgt van links naar rechts, daalt van boven naar beneden.
  • Elektronegativiteit volgt hetzelfde patroon als ionisatie-energie. Fluor is het meest elektronegatief.
  • Reactiviteit is hoog voor groep 1 (alkalimetalen, vooral onderaan) en groep 17 (halogenen, vooral bovenaan).

Verwante begrippen

Verder lezen