Pijlerartikel · Materiaalkunde

Polymeren en plastics

Een polymeer is een groot molecuul dat bestaat uit duizenden tot miljoenen herhaalde bouwsteentjes — monomeren genoemd. Plastics zijn synthetische polymeren die we bewust ontwerpen voor specifieke eigenschappen: flexibel of stijf, helder of ondoorzichtig, hittebestendig of smeltbaar. De plastic fles, de telefoon-behuizing, de autoband en de kleding bevatten allemaal polymeren.

Van monomeer naar polymeer

Polymerisatie is de reactie waarbij vele monomeren aan elkaar koppelen. Twee typen:

  • Additie-polymerisatie — monomeren met een C=C-binding (zoals etheen) koppelen zonder verlies van atomen. Resultaat: polyetheen (PE).
  • Condensatie-polymerisatie — monomeren koppelen onder afsplitsing van een klein molecuul (vaak water). Resultaat: nylon, PET.

Drie hoofdgroepen

Polymeren naar gedrag bij verhitting
TypeGedragVoorbeeld
ThermoplastSmelt bij verhitting; opnieuw vormbaar.PE, PP, PET, PVC
ThermoharderHardt onomkeerbaar uit; smelt niet.bakeliet, epoxy
ElastomeerVeerkrachtig, rekbaar tot meervoudige lengte.rubber, siliconen

Bekende plastics

  • PE (polyetheen) — folie, plastic tassen, melkflessen. Wereldwijd het meest geproduceerd.
  • PP (polypropeen) — yoghurtbakjes, autobumpers, touw. Sterker en hittebestendiger dan PE.
  • PVC (polyvinylchloride) — buizen, regenkleding, vloeren. Bevat chloor.
  • PET (polyethyleentereftalaat) — frisdrankflessen, fleecekleding. Goed recyclebaar.
  • PS (polystyreen) — bekertjes, isolatie (piepschuim).

Biopolymeren

Niet alle polymeren zijn synthetisch. Cellulose, eiwitten, DNA en zetmeel zijn natuurlijke polymeren met monomeren als suikers, aminozuren en nucleotiden. Nieuwe "bioplastics" zoals PLA (op basis van melkzuur uit mais) zijn wel synthetisch maar gemaakt uit hernieuwbare grondstoffen en deels afbreekbaar.

Verwante begrippen

Verder lezen