Pijlerartikel · Meteorologie

Wind en luchtdruk

Wind is bewegende lucht die ontstaat doordat luchtdruk niet overal hetzelfde is. Lucht stroomt altijd van een hogedrukgebied (H) naar een lagedrukgebied (L) — net zoals water bergaf stroomt. Hoe groter het drukverschil over een afstand, hoe harder de wind. Op grote schaal speelt de aardrotatie mee via het corioliseffect, dat de wind ombuigt.

Wat is luchtdruk?

Luchtdruk is het gewicht van de lucht boven een punt. Op zeeniveau gemiddeld 1013 hPa (hectopascal) of 1 atmosfeer. Op een berg is de druk lager omdat er minder lucht boven je hangt. In een orkaan kan de druk in het centrum dalen tot onder 900 hPa.

Hogedruk- en lagedrukgebieden

Hogedruk (H)Lagedruk (L)
Lucht beweegtomlaagomhoog
Weervaak heldervaak bewolkt, regen
Wind (NH)met de klok meetegen de klok in

Het corioliseffect

Door de rotatie van de aarde lijkt bewegende lucht (en water) af te buigen — naar rechts op het noordelijk halfrond, naar links op het zuidelijk halfrond. Dat verklaart waarom orkanen draaien: de lucht stroomt richting een lagedrukcentrum maar wordt onderweg afgebogen. Het effect is op grote schaal merkbaar; op de schaal van een wasbak is het verwaarloosbaar.

Wereldwijde windpatronen

  • Passaatwinden — gestadige wind tussen 30°N/Z en de evenaar; richting noordoost (NH) of zuidoost (ZH).
  • Westenwinden — overheersende wind tussen 30° en 60° breedte; in Europa de "atlantische" depressies.
  • Polaire oostenwinden — koude lucht stroomt vanaf de polen naar lagere breedten.

Verwante begrippen

Verder lezen